Ελληνικά|English
Français
Republiek van Cyprus EmblemAmbassade van de Republiek Cyprus in BrusselMinisterie van Buitenlandse Zaken Logo

Startpagina | FAQ | Site Wegwijzer | Links | Contact
Zoeken:  
Zoeken
Uitgebreid zoeken            


Algemene informatie

Ελληνικά English Français
AfdrukkenAfdrukken

Naam van de staat

Republiek Cyprus - Kypriaki Demokratia (in het Grieks) - Kibris Cumhuriyeti (in het Turks)

Na het beëindigen van de Britse overheersing in 1960 werd Cyprus onafhankelijk. Turkije viel Cyprus binnen in 1974; ongeveer 36,2% van de Republiek Cyprus werd bezet en bevindt zich vandaag onder Turkse bezetting. De staakt-het-vuren lijn scheidt de hoofdstad Nicosia (Lefkosia), het land en de bevolking.

Hoewel het noordelijke deel van het land bezet is, erkent de internationale gemeenschap alleen de Republiek Cyprus als de enige wettige en soevereine staat op het eiland als geheel.


Onafhankelijkheidsdag

1 oktober 1960


De vlag van Cyprus



De Cypriotische vlag werd in 1960 na de onafhankelijkheid vastgelegd.


Plaats en omgeving

Cyprus is een klein eiland met een oppervlakte van 9.251 km2, 240 km van oost naar west en 100 km van noord naar zuid. Het eiland heeft een strategische ligging in de verre oosterse hoek van de Middellandse Zee (33o OL, 35oNB), op het punt waar Europa, Afrika en Azië elkaar kruisen, en dicht bij de drukke handelsroutes waarmee Europa met het Midden Oosten, Rusland, Centraal Azië en het Verre Oosten wordt verbonden.


Topografie

Troodos-gebergte (zuid-westen); hoogste punt: Olympos (1.953 m).

Kyrenia (Keryneia) of Pentadaktylos-gebergte (noorden); hoogste punt: Kyparissovoenos (1.024 m).

Centrale vlakte: Messaoria vlakte.

Er zijn geen permanente rivieren, alleen een paar bronnen en beken.


Klimaat

Mediterraan klimaat met zachte, natte winters (gemiddelde minimumtemperatuur overdag 5oC) en hete, droge zomers (gemiddelde maximumtemperatuur overdag 36oC).


Flora en fauna

Zeventien procent van het eiland is boslandschap. De natuurlijke vegetatie bestaat uit groene loofbomen, heesters en bloemen. De flora bestrijkt ongeveer 1.800 soorten, subsoorten en variëteiten van planten die op het eiland thuishoren, waarvan er ongeveer 140 of 7% inheems zijn.

Er zijn ook 365 soorten vogels, waarvan er echter maar 115 op het eiland broeden. Twee soorten en twee subsoorten worden tot de inheemse soorten gerekend.

Het meest noemenswaardige soort dier is de Cypriotische moeflon (‘agrino’). Deze behoort tot de schapenfamilie en is uniek in zijn soort.


Bevolking

867.600 (dec. 2006)*1
76,1% (660.600) Grieks-Cyprioten*2
10,2% (88.900) Turks-Cyprioten
13,7%(118.100) buitenlandse inwoners en werknemers die permanent op Cyprus verblijven
Bevolkingsdichtheid: 88,4 personen per km2
    *1 De 122.000 illegale kolonisten in het door Turkije bezette deel van Cyprus zijn niet meegerekend.
    *2 Hier zijn 8.000 (1%) Maronieten, Armeniërs en Latijnen bij inbegrepen die, middels de grondwet van 1960, gekozen hebben bij de Grieks-Cypriotische gemeenschap te behoren. Volgens de grondwet konden zij kiezen tussen de twee grote gemeenschappen, de Grieks- of de Turks-Cyprioten.


Belangrijke statistische gegevens

Geboortecijfer: 10,9 per duizend (2006)
Sterftecijfer: 7,2 per duizend (2006)
Bevolkingsgroei: 1,6% (2006)
Levensverwachting (mannen): 77,0 (2005)
Levensverwachting (vrouwen): 81,7 (2005)


Bevolking in de steden (dec. 2006)

Nicosia (Lefkosia, hoofdstad): 228.400*
Limassol (Lemesos): 180.100
Larnaka (Larnaca): 80.400
Pafos (Paphos): 54.000
    * Aantal inwoners in het deel van de stad waar de regering feitelijk het gezag uitoefent.


Bevolking in de steden onder Turkse bezetting (vσσr de Turkse invasie van 1974)

Famagousta (Ammochostos): 38.960
Morfou (Morphou): 7.466
Kyrenia (Keryneia): 3.892


Talen

Het Grieks en het Turks zijn de officiële talen.
Het Engels wordt algemeen gesproken.


Godsdienst

De Grieks-Cyprioten zijn christenen en behoren tot de Autocephalische Grieks-orthodoxe Kerk van Cyprus. De Turks-Cyprioten zijn moslims, terwijl de kleinere minderheden op Cyprus, de Maronieten, Armeniërs en Latijnen, andere christelijke denominaties aanhangen.


Cultureel Erfgoed

Neolithische nederzettingen
Klassieke, Hellenistische en Romeinse Monumenten
Byzantijnse en Latijnse kerken en kloosters
Frankische en Venetiaanse forten en kastelen (12de-16de eeuw)
Moskeeën.


De Staat

Uitvoerende Macht

Cyprus is een republiek met een presidentiële regeringsvorm. De President wordt voor een periode van vijf jaar gekozen door middel van algemeen stemrecht. De uitvoerende macht ligt bij een elfkoppige Ministerraad, die door de President wordt aangewezen. De Turks-Cyprioten trokken zich terug uit de regering in 1963.

Wetgevende Macht

Eénkamer, multipartij parlementair systeem.
Kiessysteem: proportionele vertegenwoordiging.
Leden van de Kamer worden door middel van algemeen stemrecht gekozen voor een periode van vijf jaar.
De zetels die gereserveerd zijn voor de Turks-Cyprioten zijn vacant.

Rechterlijke Macht

In overeenstemming met de grondwet van 1960 berust de rechterlijke macht bij het Hooggerechtshof, de Gerechtshoven voor Strafzaken en de Provinciale Rechtbanken. De rechterlijke macht is onafhankelijk.

Onafhankelijke Ambtenaren en Instanties

Een aantal ambtenaren en instanties in Cyprus is onafhankelijk en behoort niet tot een bepaald ministerie. Volgens de grondwet zijn de Procureur-generaal en de President van de Rekenkamer, die respectievelijk aan het hoofd van de Gerechtelijke Macht en de Rekenkamer staan, en de President van de Centrale Bank van Cyprus onafhankelijke ambtenaren van de Republiek; de Ombudsman (Commissaris voor de Administratie) is ook een onafhankelijke ambtenaar. De Inspectie voor de Rijksdiensten, de Inspectie voor het Onderwijs, het Planningbureau, het Bureau van de Commissaris voor Staatssteun, de Belastingdienst, de Commissie voor de bescherming van Economische Mededinging, het Bureau van de Commissaris voor Elektronische Communicatie en Post Regulatie, het Agentschap voor Energiebeheer, het Cyprus Landbouwsubsidiebureau, het Bureau van de Commissaris voor de Bescherming van Persoonsgegevens, het Agentschap voor Beheer en Ontwikkeling van Coöperatieven, de Dienst Interne Audit, het Agentschap voor Aanbestedingenherziening, de Belastingrechtbank en de Commissaris voor de Wetgeving worden tot de onafhankelijke instanties gerekend.


De Centrale Bank van Cyprus

De Centrale Bank van Cyprus werd in 1963 opgericht als een onafhankelijke instelling. Sinds juli 2002 zijn de taken van de Centrale Bank van Cyprus neergelegd in de Centrale Bankwet 2002. Deze wet handhaaft de zelfstandigheid van de Bank. Tegelijkertijd zijn de werkzaamheden met betrekking tot betalingsverkeer en monetair beleid echter taken die voortvloeien uit het Verdrag tot Oprichting van de Europese Gemeenschap en uit het statuut van het Europees Stelsel van Centrale Banken en de Europese Centrale Bank.

Het hoofddoel van de Centrale Bank van Cyprus is het nastreven van prijsstabiliteit. Met het oog op zijn onafhankelijkheid ondersteunt de Bank het algemene financiële beleid van de regering.

De Centrale Bank draagt er zorg voor dat de nationale wetgeving, economische structuur en beleid verenigbaar zijn met het Europese beleid. Binnen Cyprus is de Centrale Bank met de omzetting van de EU-regels naar een nationale wet- en regelgeving begonnen. De Bank handelt in overeenstemming met het beginsel van een openmarkteconomie met vrije mededinging.

De Centrale Bank bevordert ook de goede werking van het betalingsverkeer en houdt toezicht op financiële instellingen en de financiële sector. De Bank voert het monetair beleid uit in overeenstemming met de richtlijnen en besluiten van de E.U. en het Basel Comité.


Plaatselijke autoriteiten

De stads- en gemeenteraden zijn verantwoordelijk voor het plaatselijk beleid. De stadsraden houden zich bezig met het aanbieden van diensten en hebben bestuurlijke functies in steden en grote regio’s in het platteland, terwijl de gemeenteraden verantwoordelijk zijn voor beleidszaken in dorpen. Deze raden zijn onafhankelijke instanties, wier leden door middel van algemeen stemrecht worden gekozen.


Internationale betrekkingen

Binnen het kader van de E.U. handelt de regering van Cyprus in overeenstemming met het E.U. Gemeenschappelijk Buitenlands Beleid en Veiligheidsbeleid (GBVB). Sinds 1974 zoekt de regering een vreedzame oplossing voor het probleem van de Turkse bezetting van het land. Hoewel Cyprus altijd tot het Westen wordt geteld, heeft het land goede relaties ontwikkeld met Israël, de Arabische wereld, de Latijns-Amerikaanse landen en Afrika.

Cyprus is lid van vele internationale organisaties, waaronder:

- De Wereld Handelsorganisatie (WHO) (1995)
- De Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) (1975)
- Het Gemenebest (1961)
- De Raad van Europa (1961)
- De Verenigde Naties (VN) (1960) En haar gespecialiseerde organisaties
- De Wereldbank
- Het Internationaal Monetair Fonds


Lid van de Europese Unie

Op 1 mei 2004 is de Republiek Cyprus lid van de Europese Unie geworden. Het was het succesvolle eind van een reis die meer dan drie decennia duurde.

Wat haar cultuur, beschaving, Europese identiteit en geschiedenis betreft behoorde Cyprus altijd tot de grote familie van Europese landen. Cyprus houdt vast aan de idealen van democratie, vrijheid en justitie. De toetreding betekent een nieuw tijdperk van uitdagingen, kansen en verplichtingen.

In afwachting van een politieke oplossing wordt de implementatie van het acquis communautaire (het corpus van de wetgeving van de Europese Unie) op het bezette noordelijke deel van het eiland opgeschort. Totdat het probleem opgelost wordt, vergemakkelijkt de regering in samenwerking met de Europese Commissie de economische transacties tussen de twee gemeenschappen en stimuleert de economische ontwikkeling van de Turks-Cyprioten.

Cyprus kan profiteren van het E.U.-lidmaatschap en de E.U. kan ook profiteren van haar toetreding. Door haar strategische ligging op het punt waar Europa, het Midden Oosten, Noord-Afrika en Azië elkaar kruisen, wordt Cyprus een steeds belangrijker regionaal bedrijvencentrum en een internationale communicatie en transport hub.

Met haar moderne infrastructuur, de kwaliteit van de arbeidskrachten en de lage criminaliteit biedt het eiland ook een uitstekende uitgangspositie voor Europese investeringen.

Sinds de toetreding tot de E.U. heeft Cyprus haar productiestructuur verder hervormd. De liberalisering van handel en rente is een feit. Tegelijkertijd bestaan er geen wettelijke beperkingen voor buitenlandse investeringen en zijn de nationale monopolies afgeschaft.

Het nieuwe E.U. kader biedt ook nieuwe kansen voor een oplossing van het politieke probleem die de bevolking zal herenigingen en de economie zal re-integreren.


Defensie

De Nationale Garde werd in 1964 opgericht en bestaat uit militairen en reservisten, en een klein aantal Griekse officieren en onderofficieren.

Sinds 2000 levert Cyprus ook een bijdrage aan de snelle interventiemacht van de Europese Unie. Cyprus neemt ook deel aan 5 van de 19 ECAP-projectgroepen die bedoeld zijn om de Europese Militaire Capaciteiten van de nodige sturing en versterking te voorzien.


Vredesmacht van de VN in Cyprus (UNFICYP)

Sinds 1964 is er een VN vredesmacht, UNFICYP, bestaande uit 923 (2007) militairen, op het eiland gestationeerd. De vredesmacht werd, na het uitbreken van gevechten tussen beide bevolkingsgroepen in december 1963 en na de dreiging van een Turkse inval, op Cyprus gestationeerd. Gezien het feit dat meer dan 43.000 Turkse militairen het noordelijke deel bezetten, is de hoofdtaak van de vredesmacht toezicht te houden op de bufferzone en het VN staakt-het-vuren te waarborgen.


Soevereine Britse militaire basissen

De Britse basis in Akrotiri/ Episkopi en Dhekelia nemen 2,74% van het landoppervlak in. Krachtens de verdragen van 1960, toen Cyprus onafhankelijk werd, behield het Verenigd Koninkrijk deze basissen.


Geschiedenis

De Cypriotische beschaving gaat, volgens archeologische gegevens, tot 11.000 jaar terug, tot het 9de millennium v.C. (Vroege Neolithische Periode of Steentijd). Het eiland kreeg zijn Griekse karakter nadat het werd gekoloniseerd door Grieken uit Mycene en Achaia tussen de 13de en de 11de eeuw v.C. Het eiland werd gekoloniseerd door de Feniciërs tijdens de 9de eeuw v.C., voornamelijk het gebied bij Kition. Cyprus kwam vervolgens onder Assyrische, Egyptische en Perzische heerschappij (8ste – 4de eeuw v.C.). Tussen 30 v.C. en 330 n.C. maakte Cyprus deel uit van het Romeinse Rijk.

Het eiland behield echter zijn Griekse identiteit en, als deel van de Hellenistische staat der Ptolemaeën (310-30 v.C.) en vervolgens van de Griekstalige Byzantijnse wereld (330 n.C.-1191), werd het nationale karakter bekrachtigd. Ondanks het feit dat Cyprus onder buitenlandse heerschappij kwam te staan – het betreft vooral Richard Leeuwenhart en de Orde der Tempeliers (1191-1192), de Franken (Lusignans, 1192-1489), de Venetianen (1489-1571), de Ottomanen (1571-1878) en de Britten (1878-1960) – bleven de Griekse taal en cultuur door de eeuwen heen als hoofdkenmerk aanwezig.

Van 1955 tot 1959 streden de Grieks-Cyprioten tegen het Britse bewind en in 1960 werd Cyprus onafhankelijk. Volgens de Verdragen van Zürich en Londen waren Griekenland, Turkije en Groot-Brittannië de garantiemachten voor de onafhankelijkheid van het land, terwijl het Verenigd-Koninkrijk twee soevereine basissen op het eiland behield.

De macht zou in een verhouding van 7:3 verdeeld worden tussen de Grieks- en de Turks-Cyprioten. Dit betekende dat de Turks-Cypriotische gemeenschap (een minderheid, 18% van de totale bevolking) – afstammelingen van de Ottomaanse Turken die het eiland bezetten van 1571 tot 1878 – voor 30% vertegenwoordigd was in de regering en alle staatkundige instanties. In aanvulling hierop kreeg de Turks-Cypriotische gemeenschap ook het vetorecht.

Eeuwenlang verliep de relatie tussen de twee bevolkingsgroepen vreedzaam en vriendschappelijk. Op grond van de Verdragen van Zürich en Londen, blijkt de grondwet van de jonge Republiek in een aantal opzichten onwerkbaar en zorgde voor problemen: buitenlandse inmenging en ondermijningen in het binnenland. De Grieks-Cypriotische kant was vastberaden de eenheid van de staat te waarborgen en de Turks-Cypriotische leiding was, onder druk van de wens van Turkije, voorstander van etnische en territoriale verdeling. Gevolg van dit alles waren de botsingen tussen de twee bevolkingsgroepen in 1963-67 en luchtaanvallen en dreigementen door Turkije. De Turks-Cyprioten trokken zich terug uit de regering en de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Van 1968 tot 1974 organiseerde de VN gespreksrondes tussen de twee gemeenschappen. Tijdens deze periode begon de situatie zich geleidelijk aan te normaliseren.


Turkse invasie en bezetting

Op 15 juli 1974 pleegde de Griekse militaire junta een staatsgreep om de democratisch gekozen regering van Cyprus af te zetten. Op 20 juli 1974, in weerwil van het Handvest van de VN en alle principes die ten grondslag liggen aan de internationale betrekkingen, viel Turkije Cyprus binnen zogezegd om de wettelijke orde te herstellen. Turkije, slechts 75 km verderop gelegen, blijft talloze VN resoluties die oproepen tot de terugtrekking van vreemde troepen uit Cyprus negeren.

De invasie en bezetting hadden verschrikkelijke gevolgen. Duizenden mensen vonden de dood en ongeveer 180.000 Grieks-Cyprioten die in het noorden woonden – ongeveer 1/4 van de bevolking – werden uit hun huizen verjaagd. Ze werden vluchtelingen in eigen land. Een resterend aantal van 20.000 Grieks-Cyprioten, ingesloten in het bezette gebied, werden geleidelijk, door middel van intimidatie en het negeren van hun elementaire mensenrechten, gedwongen hun huizen te verlaten en onderdak te vinden in het door de regering beheerste gebied. Vandaag de dag telt de ingesloten bevolking minder dan 500 mensen. Als gevolg van de invasie verloor het land 70% van zijn productieve vermogen en raakte 30% van de bevolking werkloos.

Ongeveer 1.400 Grieks-Cyprioten burgers en militairen verdwenen tijdens de invasie. Velen onder hen waren krijgsgevangenen en sommigen zijn voor hun verdwijning gezien in gevangenissen in Turkije en het bezette deel. Afgezien van een aantal gevallen, is het lot van de meeste vermisten nog niet bekend, omdat Turkije niet wil meewerken aan de oplossing van dit humanitaire probleem. Meer dan 160.000 kolonisten uit Anatolië werden geleidelijk aan naar het bezette deel vervoerd, alwaar ze zich illegaal vestigden met als doel de demografische structuur te wijzigen. Als men de voortdurende immigratie van de Turks-Cyprioten in beschouwing neemt, ziet men dat het totale aantal Turkse militairen en kolonisten het aantal Turks-Cyprioten overschrijdt, in een verhouding van 2:1.

Bovendien is het culturele erfgoed van het land in het bezette gebied verwoest, kerken, gedenktekens, begraafplaatsen en archeologische opgravingen worden vernield, geschonden of geplunderd.

De Turkse bezetting en agressie tegen Cyprus zijn door vele resoluties zowel van de VN Veiligheidsraad als van andere internationale organisaties veroordeeld. In deze resoluties wordt opgeroepen tot de veilige terugkeer van de vluchtelingen naar hun huizen, de verduidelijking van het lot van de vermisten, en het respecteren van de onafhankelijkheid en de soevereiniteit van Cyprus. Bovendien bevond het Europese Hof voor de Rechten van de mens Turkije schuldig aan systematische schendingen van de rechten van de mens op Cyprus.

De Turkse zijde heeft tot nu toe nog nooit de noodzakelijke politieke wil getoond om tot een rechtvaardige oplossing van het probleem te komen met als gevolg dat alle initiatieven van de Verenigde Naties sinds 1974 op niets uitliepen. Elke vorm van vooruitgang bleek geblokkeerd te zijn door de separatistisch getinte eisen van de Turkse zijde. Op deze manier zouden het in feite twee aparte staten zijn. De Grieks-Cypriotische zijde toont dat ze er klaar voor is om bij te dragen tot een rechtvaardige en levensvatbare oplossing en hereniging van het eiland en de bevolking zonder buitenlandse inmenging.

De laatste poging van de VN om tot een oplossing van het probleem te komen heeft geleid tot de presentatie van een vredesplan door de VN Secretaris-Generaal. In een referendum dat op 24 april 2004 afzonderlijk en gelijktijdig door beide gemeenschappen werd georganiseerd, wees een duidelijke meerderheid van de Grieks-Cyprioten, 75,8% het VN-plan (Annan plan V) af. Zij hadden het gevoel dat de definitieve tekst, die willekeurige ‘last minute’ Turkse eisen bevatte, niet in evenwicht was en niet tegemoet kwam aan hun voornaamste verwachtingen betreffende de veiligheid, de werking en de levensvatbaarheid van de regeling. Door hun manier van stemmen, hebben de Grieks-Cyprioten niet de oplossing van het probleem van Cyprus verworpen dat hun voornaamste doelstelling blijft. Ze hebben alleen maar ‘nee’ gezegd aan dit specifieke plan dat hun werd gepresenteerd. Ze hebben ook niet hun Turks-Cypriotische landgenoten de rug toegekeerd die in meerderheid, 64,9% voor het Annan plan waren. Integendeel, de Grieks-Cyprioten doen al het mogelijke om tot een oplossing te komen die aan de wensen van beide gemeenschappen tegemoetkomt.

Het ‘nee' moet geïnterpreteerd worden als een reële bezorgdheid omtrent bepaalde aspecten van het voorgestelde plan:

- Er was geen garantie op het terugtrekken van de kolonisten en de Turkse troepen die in het noorden gestationeerd zijn;
- Er was geen garantie over het naleven van plichten en overeenkomsten onder het plan;
- Grieks-Cypriotische vluchtelingen konden niet de huizen, winkels en andere bezittingen terugkrijgen die zij door de invasie van 1974 en de bezetting waren verloren;
- Het recht van vrij verkeer en verblijf op het grondgebied van het eiland werd niet gehandhaafd voor de burgers en
- Grotendeels hebben ook overwegingen over de operationele functionering van de regering een rol gespeeld.

Op 8 juli 2006 werd een vergadering tussen President Papadopoulos en de Turks-Cypriotische leider Talat gehouden, in aanwezigheid van de V.N. ondersecretaris-generaal voor Politieke Zaken, Ibrahim Gambari. Op de vergadering werd een akkoord bereikt over een reeks principes om nieuwe onderhandelingen op poten te zetten. De twee leiders hernieuwden hun verbintenis om Cyprus te herenigen op basis van een bi-zonale, bi-communale federatie en politieke gelijkheid, zoals die in de relevante Resoluties van de Veiligheidsraad wordt beschreven.

De regering van Cyprus heeft zich als doel gesteld om middels onderhandelingen tot een oplossing te komen binnen het kader van de Europese Unie.


Economie

Terwijl het politieke probleem nog steeds niet is opgelost, is de economie, die gebaseerd is op een vrije markteconomie, sterk gegroeid sinds 1974 in de gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus het feitelijk gezag uitoefent. Een economisch systeem gebaseerd op de principes van de vrije markt, de rationele planning en vooral het dynamisme en de leergierigheid van de Cyprioten hebben bijgedragen tot een opvallende groei in de economische en sociale sector. Zo is Cyprus tijdens de laatste twee decennia veranderd van een land dat overwegend agrarische producten en mineralen exporteerde in een centrum van moderne dienstverlening en een land dat zich vooral bezighoudt met de export van bewerkte producten. Cyprus is een belangrijke vakantiebestemming met een moderne economie en een goed ontwikkelde dienstensector en een geavanceerde fysieke en sociale infrastructuur. Cyprus staat op de 28e plaats van de VN Index van Menselijke Ontwikkeling van 2007/2008.

Op 1 januari 2008 werd de Euro in Cyprus ingevoerd als officiële munteenheid ter vervanging van het Cypriotische Pond.

Het gemiddelde jaarlijkse groeipercentage in de afgelopen vijf jaar was ongeveer 3,1%, terwijl er over die periode een inflatiepercentage was van 2,9% en een werkloosheid van 3,4%.

Sector % bijdrage aan het BNP (2006)

Primair (vooral landbouw) 2,8
Secondair (vooral industrie en bouw) 19,6
Tertiair (diensten) 77,6

Overige Economische Gegevens (2006)

Inkomen per hoofd: € 18.244
Inflatie: 2,5%
Groei: 3,8%
Werkloosheid: 3,4%
Actieve bevolking: 375.000
Bezoldigde actieve bevolking: 359.400


Internationale Handel en Scheepvaart

Cyprus heeft zich ontwikkeld tot een internationaal zaken- en bankingcentrum met vele vestigingen van buitenlandse banken en meer dan duizend bedrijven die op het eiland actief zijn. Sinds 1 mei 2004, datum van Cyprus’ toetreding tot de Europese Unie, mag elke bank die een vergunning in de lidstaat van herkomst heeft, zich vrij vestigen op Cyprus. Cyprus is ook een belangrijk centrum voor de scheepvaart geworden en haar vloot is een van de grootste ter wereld.

De strategische ligging van Cyprus, het gunstige belastingsklimaat, de gespecialiseerde arbeidskrachten, de uitstekende infrastructuur op gebied van telecommunicatie, het moderne banksysteem en het juridisch systeem maken het land tot een ideale brug tussen de Europese Unie en het Midden Oosten.

Het bedrijvenklimaat en de ondersteunende faciliteiten zijn zeker met die van de bestgevestigde centra in de wereld vergelijkbaar. Het eiland wordt beschouwd als een van de belangrijkste internationale commerciële centra onder de ongeveer 50 landen die gelijkaardige faciliteiten aanbieden.


Geavanceerde technologische industrie

De industriële ontwikkeling van het land is een van de belangrijkste doelstellingen van de regering; het is een vitaal deel van het economische beleid. In het kader van dit beleid introduceerde de regering een onderzoeksprogramma voor het opstarten van nieuwe bedrijven voor geavanceerde technologie en innovatie.

Het Technologie Onderzoeksprogramma wil talent, technologie, kapitaal en know-how op efficiënte wijze combineren om de ontwikkeling van nieuwe bedrijven en de introductie op de markt van nieuwe technologie te versnellen.


Diensten

De tertiaire sector of dienstensector is de snelst groeiende sector en vertegenwoordigt 77,6% van het BNP en 71,1% van de bezoldigde actieve bevolking. Deze sector omvat het toerisme, het transport en de communicatie, de handel, het bank- en verzekeringswezen, accountancy, vastgoed en onroerend goed, de publieke administratie, het onderwijs en bedrijfs- en juridische diensten.

Het toerisme (hotels en restaurants) in het bijzonder speelt een belangrijke rol in de economie. In 2006, droeg het voor 7,1% bij aan het BNP en 10,0% van de arbeidskrachten was werkzaam in deze sector.

In 2006, bezochten meer dan 2,4 miljoen toeristen Cyprus. Deze waren vooral afkomstig uit het Verenigd Koninkrijk (56,7%), de Scandinavische landen (8,6%), Rusland en de voormalige Sovjetlanden (5,4%), Duitsland (6,4%), Griekenland (5,3%) en Frankrijk (1,6%).

De rol die Cyprus speelt als regionaal dienstencentrum wordt steeds groter; op dit moment worden er plannen gesmeed om het eiland als een internationaal informatiecentrum te promoten.


Industrie

De industrie is goed voor 8,6% van het BNP en stelt 10,2% van de arbeidskrachten tewerk.

De belangrijkste sectoren in de industrie zijn voedsel, drank, tabak, kleding, schoeisel, leder- en ijzerwaren, chemische en plastische producten.


Import

De belangrijkste importproducten bestaan uit onbewerkte materialen, consumptie- en kapitaalgoederen, transportbenodigdheden en brandstoffen. In 2006 kwam 65,4% van de totale import uit de E.U., vooral uit Griekenland (17,3%), uit Italië (11,4%), uit het Verenigd Koninkrijk (8,9%), uit Duitsland (8,9%) en uit Frankrijk (4,2%). Israël zorgde voor 6,2% van de import, China voor 4,2%, Brazilië voor 2,5% en Japan voor 2,4%.


Export

De belangrijkste exportproducten zijn farmaceutische producten, cement, kaas met inbegrip van halloumi, papierproducten, aardappels en citrusvruchten.

In 2006 ging 58% van de exportproducten naar landen van de E.U. Met name naar het Verenigd Koninkrijk (22,1%), Griekenland (19,4%) en Duitsland (18,6%). Eveneens was 13,7% van de exportproducten bestemd voor landen van het Nabije en Verre Oosten en 4,8% voor andere Aziatische landen.


Doorvoer

Door haar geografische ligging heeft Cyprus zich ontwikkeld tot een belangrijk doorvoerland met een groot aantal producten die doorvervoerd worden naar de opkomende markten in het Midden Oosten en Centraal Europa.


Landbouw

De landbouw heeft in 2006 voor ongeveer 2,8% aan het BNP bijgedragen en stelde 8,3% van de totale actieve bevolking tewerk.

Er worden vooral aardappelen en andere groenten, granen, citrusvruchten, druiven en olijven verbouwd. Wat de veeteelt betreft, worden er vooral rundvee, schapen, geiten, varkens en gevogelte gehouden. De productie van vis komt vooral uit de kustvisserij, het vissen met een sleepnet en de viskwekerij.


Milieu

De bescherming van het milieu is een belangrijk element in het economische en sociale ontwikkelingsconcept van het land.

Milieuwetten zijn op één lijn gebracht met de respectievelijke wetten en richtlijnen van de E.U. Cyprus heeft meer dan 300 richtlijnen en reglementen aangenomen met betrekking tot het milieubeleid. De invoering van dit regelgevingkader maakt het waarborgen van een hoog niveau van milieubescherming een absolute prioriteit. Een van de doelstellingen van het milieubeleid is de bevordering van de kwaliteit van het leven van de bevolking en de verbetering van het milieu in het algemeen.


Natuurlijke hulpbronnen

De natuurlijke hulpbronnen van het eiland bestaan uit koper, gips, hout, marmer, bentoniet en aardpigment. Geen van deze producten is echter in grote hoeveelheden aanwezig.

Op Cyprus is water een schaars goed. Men probeert het probleem te verhelpen door het bouwen van dammen en ontzoutingsinstallaties.


Gezondheidszorg en sociale bijstand

Voor gezinnen met een laag inkomen, ambtenaren en vluchtelingen is medische zorg in staatsziekenhuizen en gezondheidscentra gratis. Er bestaan tevens meer dan 100 privéklinieken met 1.600 bedden en vele praktijken die een groot scala aan medische diensten aanbieden. In 2006, was er 1 arts per 395 personen.

Een sociaal all-risk verzekeringssysteem zorgt voor elke werkende man en vrouw en degenen die ze ten laste hebben. Voordelen en pensioenregelingen van het systeem dekken onder andere werkloosheid, ziekte, zwangerschap, weduwschap, arbeidsongevallen, beroepsziekten en ouderdomspensioen.

De regering verleent ook een groot aantal diensten die betrekking hebben op de verzorgingsstaat, waaronder kinderdagverblijven, verzorgingscentra, invalidenvoorzieningen, gratis onderdak voor vluchtelingen van de Turkse militaire invasie, huursubsidies en financiële steun voor gemeentelijke instanties.


Onderwijs

Onderwijs is verplicht tot 15 jaar. Basis- en middelbaar onderwijs zijn gratis. Er zijn twee staatsuniversiteiten in Cyprus – de Universiteit in Nicosia en de Technologische Universiteit van Cyprus in Limassol – drie privé-universiteiten en 23 academies en instituten voor hoger onderwijs.

Cyprus staat hoog aangeschreven wat hoger onderwijs betreft; in 2005-2006 meldde 75% van de middelbareschoolverlaters zich aan voor een verdere opleiding. Meer dan de helft van de studenten studeren in het buitenland, vooral in Griekenland (64,2%), het Verenigd Koninkrijk (23,6%) en de VS (3,6%).

Tijdens het academiejaar 2005-2006 waren 53,1% van de Cypriotische studenten in het buitenland en 60,3% van degenen die een hogere opleiding volgden in Cyprus van het vrouwelijk geslacht.


Cultuur

Het culturele leven komt op Cyprus tot uitdrukking in de kunsten en lokale tradities. Literatuur, poëzie, concerten, opera, dans, schilderkunst en beeldhouwkunst zijn er enkele voorbeelden van.

Er zijn ook talrijke musea en kunstgalerijen, waaronder het Archeologisch Museum in Nicosia.

De Nationale Kunstgalerij stelt permanent de nationale collectie hedendaagse Cypriotische kunst tentoon, terwijl er ook tijdelijke tentoonstellingen van buitenlandse kunst en retrospectieven van Cypriotische pioniers plaatsvinden.

Om de hedendaagse Cypriotische kunst in het buitenland te promoten organiseert de Culturele Dienst van het Ministerie van Onderwijs en Cultuur tentoonstellingen en worden Cypriotische kunstenaars gesubsidieerd om deel te nemen aan internationale evenementen.


Media

De Grondwet, de perswet en de wetten die betrekking hebben op radio- en televisiestations waarborgen de vrijheid van meningsuiting en het pluralisme van de media.

Op dit moment zijn er:
- 8 Griekstalige dagbladen en een groot aantal wekelijkse kranten en tijdschriften
- 7 landelijke en 6 lokale televisiestations
- 10 landelijke en 38 lokale radiostations
- 1 persbureau (Cyprus News Agency).

Bovendien bestaan er een aantal particuliere TV-stations voor abonnees en satelliettelevisie en doet Cyprus dienst als basis voor internationale persbureaus en nieuwsagentschappen, alsook voor de correspondenten die instaan voor het ruimere gebied van het Midden-Oosten.








Top van de pagina

Best viewed with resolution 1024 x 768

© 2006 - 2016 Republiek Cyprus, Ministerie van Buitenlandse Zaken,
Ambassade van de Republiek Cyprus in Brussel
Startpagina | Republiek Cyprus | Disclaimer | Webmaster